trainersgroep

Reacties van deelnemers

Een 18 jarige deelneemster verteld over:
haar ervaringen tijdens
de Wen-Do training door middel van blogs op haar hyves

Les 1
Wen-Do: wie mij een half jaar geleden gezegd had dat ik ooit een cursus Wen-Do, weerbaarheid, zou volgen, zou ik uitgelachen hebben. En toch zit ik hier, temidden van een groep vrouwen die allemaal hetzelfde doel voor ogen hebben als ik: weerbaar worden. We willen ons zelfverzekerder voelen, sterker zijn en lijken. De cursus begint met een uitleg van Floor, onze instructrice. We leren wat Wen-Do inhoudt en wat we in de cursus gaan doen. Fysieke technieken zullen aan bod komen, maar ook onze houding gaat een belangrijke rol spelen. Veel vrouwen, aldus Floor, hebben een beetje het contact met hun innerlijke kracht verloren. We zíjn wel sterk, maar durven het niet altijd te zijn. In deze cursus gaan we die kracht terugvinden en leren - en vooral durven - gebruiken.

Iedereen zit er nog wat onwennig bij, zo'n eerste les, maar na een rondje namen en in tweetallen de betekenis van je naam aan elkaar uitleggen komt het gesprek al wat meer op gang. Vervolgens doen we een warming-up, de spieren worden losgeschud zodat we geen blessures oplopen. Een onverwachte factor bij de warming-up: we moeten opdrukken! Floor vindt dat we dat moeten leren, na acht lessen moeten we in staat zijn om tien keer op te drukkken. Girlpower, daar gaan we dan: op de knieën en opdrukken maar.

Na de warming-up leren we hoe je stevig moet staan, we moeten proberen elkaar om te duwen in verschillende situaties: één keer als je inademt, en een tweede keer als je uitgeademd hebt en een beetje door je knieën zakt. Raar maar waar: je staat veel steviger als je uitademt!

Na het stevig staan gaan we het hebben over hoe je los kunt komen als iemand je vastpakt. We moeten in tweetallen oplossingen bedenken. Iedereen komt wel met een losruk- of draaitechniek, maar Floor heeft een onverwachte oplossing: gewoon vragen of diegene je los wil laten. Daar hadden wij met z'n allen totaal niet aan gedacht. Vervolgens leren we de polsbevrijding, hoe je door middel van het draaien van je handen los kunt komen uit een greep van de ander. Hierbij moeten we ook onze stem gebruiken: "Los!" of "Laat me los!" klinkt telkens weer door de zaal. Floor legt ons uit waarom stemgebruik zo belangrijk is: ten eerste schrik je de aanvaller af, ten tweede maak je anderen zo attent op het feit dat je waarschijnlijk hulp nodig hebt en bovendien vergroot het je kracht. Als je schreeuwt, adem je uit en sta je automatisch steviger.

Aan het einde van de les moeten we iets positiefs over onszelf zeggen naar aanleiding van de les. Da's best lastig, maar iedereen kan uiteindelijk wel iets bedenken. Tot slot oefenen we de buikademhaling, een ademhalingstechniek waar je rustig van wordt. Aan het eind van deze les, helemaal ontspannen door de buikademhaling, weet ik: dit wordt een leuke cursus en ik verheug me op de volgende les.

Les 3
Het is nog maar de derde les, maar ik voel me al helemaal thuis in de groep. Je leert elkaar toch vrij snel kennen tijdens zo'n cursus, leuk is dat. Als iedereen binnengedruppeld is beginnen we weer met de warming-up, en ook het opdrukken is er weer bij. Het gaat al heel goed, ook wij vrouwen kunnen kennelijk opdrukken! Hoera! Na de warming-up herhalen we de technieken die we de vorige les geleerd hebben, en leren we er een hoop nieuwe technieken bij, zoals de voetstamp en de kruistrap. Ook gaan we een paar technieken op de stootkussens loslaten, we trappen en slaan wat af, ze krijgen heel wat te verduren. Heerlijk vind ik dat, lekker slaan op een kussen, even alle agressie eruit. Na dit best wel vermoeiende onderdeel gaan we de polsbevrijding nog een keer oefenen, in doorwisselende tweetallen. Dit lukt al hartstikke goed bij iedereen en we gaan dan ook vlug door naar de volgende oefening. We gaan een rollenspel in tweetallen spelen: de ene is de aanvaller en de ander het slachtoffer, later wisselen we om. Het slachtoffer moet eerst ineengedoken door de zaal lopen, terwijl de aanvaller om haar heen loopt en haar de weg telkens afsnijdt, echter wel zonder haar echt aan te raken (duwen etc.). Daarna moet het slachtoffer juist rechtop en op een doel aflopen, de aanvaller doet hetzelfde. Als we de oefening nabespreken blijkt dat iedereen, zowel als slachtoffer als ook als aanvaller, een verschil merkte. Als aanvaller voel je je een beetje belachelijk en gênant als je slachtoffer er heel zelfverzekerd bijloopt, en als slachtoffer voel je je veel sterker en heb je veel minder last van je aanvaller als je rechtop loopt, je ademhaling laag houdt en op een doel afloopt. De conclusie van deze oefening is vrij simpel: als je zelfverzekerd loopt, voel je je sterker en kom je ook zo over.

We sluiten de les af met een rondje buikademhalingsoefeningen en praten na over het huiswerk dat we vorige les gekregen hebben. Ook krijgen we een nieuwe opdracht: tellen hoe vaak je per dag ongeveer sorry zegt en in wat voor situaties. Gezien het feit dat ik zo iemand ben die er om de haverklap "sorry" uitflapt, kan dat nog wel eens een heel interessant getal op gaan leveren. Ik ben benieuwd!

Les 5
Een bijzondere training vandaag: van tevoren had Floor gezegd dat we geen sportkleding aan hoefden te doen. Vandaag zouden we niet met het fysieke deel van de weerbaarheid bezig gaan, maar met het mentale. Ons huiswerk was het nadenken over grenzen; wat zijn onze grenzen nou eigenlijk en gaan mensen daar wel eens over heen. Aan het begin van de les bespraken we dit, er werden verschillende voorbeelden genoemd van mensen die over je grenzen heen gaan. Ik vertelde over de keer dat ik bij een toneelstuk was en iemand constant met zijn voeten in mijn rug zat te porren. In plaats van mij om te draaien en er netjes wat van te zeggen, hield ik mijn mond. En ik schaamde me. Voor het feit dat ik me niet om durfde te draaien, voor het feit dat iemand met z'n voeten in mijn rug zat te porren. Toen ik dat zo vertelde, snapte ik van mezelf al niet meer dat ik er niet gewoon wat van gezegd had, maar ik durfde het op dat moment simpelweg niet.
Samen met Christa, onze stagiare, mocht ik dit voorbeeld uitspelen. Zij zat achter mij en porde met haar voeten in mijn rug, ik leefde me weer in in de situatie van toen. Met als belangrijk verschil dat ik me dit keer wel omdraaide en er iets van zei: ik vroeg haar vriendelijk op te houden met het porren in mijn rug. Haar reactie verbaasde me: "Oh sorry, ik had het helemaal niet door. Ik zal ermee ophouden!". Zou het toen, bij het toneelstuk, ook zo gemakkelijk gegaan zijn?
Vervolgens gingen we aan de slag met de confrontatieregels: zes regels waar je aan moet denken als je een confrontatie aangaat. Eerst benoem je de situatie ("Mevrouw, u port met uw voeten in mijn rug"). Vervolgens zeg je wat jij ervan vindt ("Dat vind ik niet leuk"), en dan maak je nog duidelijk wat je wil dat er aan de situatie verandert ("Ik zou het fijn vinden als u daarmee op zou willen houden."). Daarbij is het belangrijk dat je duidelijk praat, de persoon tegenover je aankijkt en een zelfverzekerde lichaamshouding hebt. Op deze manier speelden we nog een aantal voorbeelden uit, nu in groepjes van twee. Ik vond het erg nuttig, deze regels. Een confrontatie aangaan is (en blijft!) eng, maar als je een aantal richtlijnen hebt waar je je aan kunt houden maakt dat het al makkelijker. Bijkomend voordeel: je komt duidelijker over en bereikt eerder dat wat je wilt!

Les 6
Hangjongeren, wie kent ze niet. En wie loopt er niet wel eens langs een giechelend en/of grollend gezelschap op straat. Weinig mensen zullen dit als erg prettig ervaren; daarom gingen wij ook met dit voorbeeld aan de slag in de les vandaag. Eerst moest iedereen in een groepje gaan staan, we moesten "de hangjongeren" spelen. Vervolgens moest telkens iemand langs het groepje lopen, het groepje kreeg de opdracht om opmerkingen te roepen. Het was de bedoeling dat je eerst ineengedoken liep en de tweede keer rechtop, zelfverzekerd en met een doel. Het verschil was voelbaar, zowel voor de groep als ook voor de lopende persoon. Zelfverzekerd en met een doel voel jij je minder kwetsbaar en voelt de groep zich minder snel geneigd opmerkingen naar je hoofd te slingeren. Dezelfde oefening deden we nog een keer, maar nu met een groepje hangjongeren in een denkbeeldige tunnel. Zij blokkeren de tunnel en jij wilt er doorheen, want je hebt geen zin meer om -zoals je altijd deed - een blokje om te lopen en daardoor verkleumde voeten te krijgen. Dit voorbeeld vond ik lastiger, omdat je nu niet alleen opmerkingen naar je hoofd geslingerd kreeg, maar ook jezelf door de menigte heen moest duwen. Ik denk dat het een heel erg nuttige oefening was, maar voor mezelf weet ik ook: mocht ik door een tunneltje heen moeten waar een groepje hangjongeren instaat, ga ik toch maar een blokje om, koude voeten of niet.

Les 8
Vandaag was de laatste les, we zouden iets "afsluiterigs" gaan doen. De les begon met een tikspel en de opwarmingsoefeningen. Vervolgens werden de stootkussens erbij gepakt - hoerra, mijn favoriete onderdeel! - en mochten we de hamervuist-slag oefenen op de kussens. Zo hard als we konden. Heerlijk, even meppen, alle agressie eruit. Na ongeveer tien minuten mochten we de kussens weer wegleggen en moesten we een stoel pakken en een halve kring vormen. Daar zaten we, en toen kwam Floor met de houten plankjes. We zouden wel even een plankje doormidden gaan slaan. Maar geen dun plankje, nee, dit waren plankjes van formaat, twee centimeter dit en zo groot als een boek. Mijn mond viel open van verbazig, dat zou toch nooit lukken?! Maar één voor één stapte een moedige strijdster uit de kring en sloeg zomaar, alsof het niets aan kracht kostte, een plankje doormidden. Floor legde ons uit dat we moesten focussen. Focussen op de grond waar je heenslaat, en niet op het plankje dat er zo lekker massief uitziet. Ik keek nog steeds vol verbazing toe hoe de één na de ander haar plankje doormidden sloeg en voordat ik het wist zat ik als enige nog met een heel plankje in mijn handen. Diep ademhalend stapte ik naar voren, legde het plankje neer en ging zitten. Floor praatte tegen mij, maar ik hoorde niet echt wat ze zei. Een plankje doormiddenslaan... ik? Nog terwijl ik de hamervuist maakte en hem even zachtjes op het plankje liet neerkomen om te testen of ik goed in het midden zou slaan, geloofde ik het zelf niet eens. Pas toen ik mijn arm ophief om nu echt te gaan slaan schoot het door me heen: "Je bent al zo veel grotere uitdagingen aan gegaan, hebt zo veel engere dingen gedaan. Dan moet je toch wel een plankje doormidden kunnen slaan?". Mijn vuist kwam met een klap neer, ik knipperde met mijn ogen en daar lag het plankje: in twee helften gebroken. Ik had het gehaald, had een plankje kapotgeslagen! Geweldig, wat een gevoel van overwinning en kracht. Het was iedereen gelukt, dit was een perfecte afsluiting van de training. Nog toen we thee zaten te drinken, na zaten te praten en Floor op elk plankje het Wendo-teken schreef plus de datum, was ik er niet helemaal bij: ik vertoefde ergens in mijn plankjes-roes.

Ik mis de training nu al, het was een gave tijd en ik heb veel nuttige dingen geleerd. Tegenwoordig heb ik een nieuwe hobby: het heeft iets met brekende plankjes te maken. Dus pas op voor je houten tafel...